Blik op de tuin : week 13 / 2014

De koningin van de lente (1)

Prachtig in bruidsboeket!

Prachtig in bruidsboeket!

De pioenroos is een van mijn lievelingsbloemen, maar niet alleen die van mij, want tijdens de presentatie van plantenkweker Guy Vervoort van de gelijknamige vaste plantenkwekerij uit Kapellen in België was de zaal tjokvol. Guy beheert de Nationale collectie pioenen en weet als geen ander welke cultivars voor de tuin het meest interessant zijn en welke pioenen ook als snijbloem goed uit de verf komen. Eigenlijk zou, volgens Guy, in elke tuin een pioen moeten staan en dat ben ik eigenlijk wel met hem eens. Pioenrozen, of zoals Guy het liefdevol over pioentje had, zijn drieseizoensplanten. Al in het vroege voorjaar trekt een pioenroos de aandacht als het jonge blad spectaculair van roodachtig tot bronskleurig uitloopt. Maar ook als de bolvormige knoppen zijn gezet en kleur gaan bekennen is het genieten. Eenmaal in bloei is de grote verscheidenheid aan kleuren indrukwekkend en een aantal is extra attractief door hun heerlijke geuren. Ook in de herfst is het nog niet gedaan, want prachtige herfstverkleuringen en mooie zaaddozen kunnen u ten deel vallen. Het leuke aan pioenen is verder, dat ze niet allemaal op hetzelfde moment bloeien. Het is daarom mogelijk om gedurende de periode van half april tot eind juni te genieten van de diverse verschijningsvormen van de koningin van de lente of het nu een kruidpioen of een boompioen is. Kruidpioenen zijn pioenen die geen hout vormen en in de winter bovengronds afsterven, het zijn dus kruidachtige vaste planten. Boompioenen vormen in hun groei vanuit de basis een echte struik en hebben een houtig skelet. De naam struikpioen of houtpioen past daarom beter bij hen
Omdat een pioenroos met alle gemak veertig jaar op dezelfde plaats kan staan, is het wel belangrijk om een goede cultivar te kiezen. Bij de aanschaf van een boompioen is het bijvoorbeeld raadzaam er een te kiezen, waarbij de bloemen zich niet in het gewas verstoppen, hoe mooi de bloemen ook zijn. In ons klimaat is het verder verstandig in de tuin alleen enkelbloemige of halfgevulde soorten/cultivars te planten. Bij zware regen nemen dubbel gevulde bloemen zoveel water op, dat ze vaak omvallen en dus al bij voorbaat een steuntje nodig hebben. Guy vindt zelfs, dat dubbele pioenen vaak te dominant zijn in combinatie met andere planten in de border. In zijn boek: ‘Pioenen in volle glorie’ beschrijft hij vele prachtige soorten en cultivars, maar ook op westland.groei.nl – onder terugblik 2014 kunt u nog meer over de pioen vinden!

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin: week 12/ 2014

Het voorjaar gaat los!!!

Het voorjaar gaat los!!!

Ben in de tuin…

Meestal ben ik een beetje huiverig om in het voorjaar bij de eerste zonnestraal de tuin in te duiken, maar nu ben ik echt niet meer te houden. Het weer is te goed om achter de geraniums te blijven zitten tot de winter misschien nog een laatste aanval doet. De lentezon is soms zelfs al zo warm dat blote armen geen probleem zijn.
De tegenstelling ten opzichte van dezelfde periode in het afgelopen jaar kan niet groter zijn. Volgens het KNMI was de gemiddelde temperatuur in maart 2013 2.5 °C tegen 6,2 °C normaal. Vanaf 9 maart 2013 was het koud. Op sommige dagen lag de temperatuur vijf tot tien graden beneden het langjarige gemiddelde. De laatste tien dagen van maart waren zelfs de koudste sinds 1901.
Nu is het de omgekeerde wereld: zondag 9 maart gaat met een gemiddelde maximumtemperatuur van 19,5ºC te De Bilt de boeken in als de warmste sinds 1901 (normaal 8,5ºC). De gevolgen van het mooie weer zijn goed terug te zien in de tuin, want allerlei kleine bolgewassen, zoals Crocus, Chionodoxa en Scilla sibirica, steken de kop op en dwingen de tuinier om snel het oude loof van vaste planten te verwijderen. Opvallend is verder dat planten als Helleborus orientalis langere stelen en meer bloemen dan anders lijken te hebben.
Na de lange winter ben ik altijd blij als ik weer wat in de tuin kan doen, maar ik heb de vervelende eigenschap, dat ik eigenlijk het liefst alles tegelijk wil doen. Soms weet ik zelfs niet waar ik wil en moet beginnen, dus begin ik gewoon maar ergens. Uiteindelijk komt er vanzelf structuur in. Na het verwijderen van het oude loof ergerde ik me aan het meest al het kleine onkruid tussen de steentjes van pad en terras. Samen met manlief heb ik daar als eerste de aanval op in gezet. Schone paden en terras zijn als een gestofzuigde kamer, maar dan zijn we er natuurlijk nog niet. Rosa ‘Guirlande d’Amour’ was vorig jaar wel erg brutaal en verdiende daarom een extra grote snoeibeurt; ook de daarin verstrengelde kamperfoelie kon wel een opknapbeurtje gebruiken. Resultaat: een opgeruimde muur maar ook diverse doorns in mijn vingers, ondanks de handschoenen die ik droeg. De stamrozen heb ik al eerder gesnoeid en ook hortensia ‘Annabelle’ heb ik al onder handen genomen. Binnenkort zijn de boerenhortensia’s en de grassen aan de beurt en dan het bemesten, dus voorlopig ben ik in de tuin!

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin: week 11/ 2014

mmmmmmmmmmmmmmm!

mmmmmmmmmmmmmmm!

Lathyrus, ja heerlijk!

Misschien hebt u net als ik nostalgische gevoelens bij Lathyrus? De mijne dateren uit de tijd dat ik zelf voor het eerst een tuin(tje) had. Om de lege tuinschermen te bedekken zaaiden we het eerste jaar in mei in de volle grond een kleurig lathyrusmengsel en waren vol trots toen de eerste stengels zich om de gespannen draden naar boven slingerden. Nog trotser waren we toen we de eerste lathyrusbloemen konden knippen. Roze, witte, blauwe en paarse Lathyrus stonden in kleine vaasjes te geuren en te pronken. Aan de bloemen van onze favoriete kleuren hingen we, onervaren als we waren, kaartjes met de kleur erop om zo het zaad te kunnen scheiden als de peulen rijp waren. Of dat gelukt is, weet ik eigenlijk niet meer, wat ik wel weet is dat de geur van Lathyrus een van de lekkerste bloemengeuren is die ik ken.
Lathyrus odoratus of pronkerwt is een plant uit de familie der vlinderbloemigen. Tot deze familie horen ook de sperzieboon, de pindanoot en planten als Lupine en klaver. Het is een eenjarige klimplant met stengels tot wel drie meter. Het liefst staat Lathyrus in de zon en in goed gedraineerde grond, want van natte voeten houdt hij niet. Het is dan ook belangrijk dat u de planten niet uit laat drogen. De meeste lathyrussoorten hebben een Engelse naam. Lathyrus ‘Prinses Juliana’ is hier een uitzondering op en is, zoals u wel zult begrijpen, vernoemd naar onze oude vorstin, die een enorme liefhebber van Lathyrus was. In de serres van paleis Soestdijk stonden meestal zo’n 25 variëteiten. De liefde voor Lathyrus gaat bij sommige mensen zo ver, dat ze zelfs lid zijn van de Nederlandse Lathyrus vereniging, die in 1927 is opgericht. Tot de oprichters behoorden eigenaren van grote Nederlandse buitenplaatsen en hun tuinbazen. Grote promotor van het geheel was de heer H. Carlee, een bloemist uit Haarlem die veel handelscontacten met Engeland onderhield en in het vak hoog stond aangeschreven. Ook Engeland kent een dergelijke vereniging, The Eckford Sweet Pea Society of Wem. Beide verenigingen organiseren jaarlijks een Lathyrustentoonstelling. In ons land vindt deze dit jaar plaats aan het einde van de maand juni in De Tuinen van Appeltern.
Sinds eind februari staan er in mijn keukenraam twee potten met lathyruszaadjes, netjes in plastic zakken en in stekgrond. Ze zijn het resultaat van een workshop van Groei & Bloei Westland. Binnen 10 dagen moeten de zaden wellen en kiemen.… meer informatie over Lathyrus zaaien: westland.groei.nl/terugblik/2014.

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin – week 10/ 2014

Lekker wild plukken

Hoge dosis  vitamine C!

Hoge dosis vitamine C!

De groente die wij dagelijks op ons bord vinden, komt in de meeste gevallen uit de supermarkt of u moet zelf een verwoed moestuinier zijn. Wat we ons meestal niet realiseren is, dat deze groente gecultiveerde producten zijn en dat de oorspronkelijke voorouders van deze groentesoorten ooit ‘wilde’ groente zijn geweest die door de mens in cultuur genomen zijn. Vaak zijn er enorme verschillen tussen die oerouders en de groente van nu en ook is de herkomst van bepaalde groentesoorten soms verrassend te noemen. Gelukkig is er een tendens te bespeuren, waarbij we zien, dat de natuur in al zijn facetten gelukkig weer meer in de belangstelling staat en dat mensen nieuwsgierig zijn naar de herkomst van voedsel, denkt u maar eens aan de opkomst van de zogenaamde ‘vergeten groente’. Om wat meer over eetbare planten uit de natuur te weten komen, was in februari Karel Gort te gast bij Groei & Bloei Westland. Karel is natuurgids en struint graag door duin en landschap op zoek naar wilde planten, waaronder ook eetbare exemplaren. Tussen duin en eigen tuin zijn veel wilde, maar ook eetbare planten te vinden. Zelfs in of vlak bij zee groeien planten, die je bij laag water kunt plukken, zoals zeekraal en lamsoor. De variatie aan eetbare planten varieert per gebied en zo zal er op de Veluwe meer te vinden zijn dan in een Randstedelijke omgeving als de onze.
Over oerouders gesproken: wist u, dat de strandbiet of zeebiet (Beta vulgaris subsp. maritima) als soort de basis voor alle bieten is die wij kennen, zoals suikerbiet, voederbiet, snijbiet en onze rode kroot. In Nederland is de strandbiet zeldzaam en komt voor aan de voet van duintjes en zeedijken (vanaf Goeree-Overflakkee richting het zuiden). Van oorsprong komt de strandbiet voor in Zuid-Europa en Noord-Afrika aan de Middellandse zeekust en aan de kust in West-Europa. Maar de strandbiet is aan de wandel en is nu ook al veel noordelijker waargenomen; sinds 2004 zelfs op de Russische eilanden bij Finland. Naast de strandbiet had Karel het ook over wilde pastinaak en dat deed mij weer denken aan de paarse, witte en gele wortels die ik laatst in een groenteafdeling zag liggen. Vreemde kleuren als je denkt aan de alom bekende oranje winter-, was- en bospeen, die we al jaar en dag eten. Je kunt je daarbij afvragen hoe deze wortels ooit de kleur oranje hebben gekregen. Wilt u meer weten over wilde planten plukken kijk dan op: westland.groei.nl/terugblik.

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.