Blik op de tuin: week 17 2013

SAM_4464.JPG-1Land of Great Gardens

Wat zal de organisatie van Keukenhof blij zijn met het verdwijnen van de winter uit ons land. Maart 2013 was zeer koud en droog en volgens het K.N.M.I. was het sinds 1987 niet meer zo koud geweest. Vreemd was het wel, dat ik begin maart met blote armen buiten in de tuin heb gewerkt, maar dat aan het einde van de maand de gevoelstemperaturen tussen -10 en -15 graden Celsius lagen. Alleen met berenmuts en isolatiehandschoenen leek het buiten nog een beetje te harden. De natuur stond als het ware in de ijskast, maar nu, na een paar zonnige dagen en een aantal broodnodige buien, is er geen houden meer aan en kleurt de grijze wereld weer groen; ook op Keukenhof. Dat is maar goed ook, want het thema voor 2013 is het Verenigd Koninkrijk, het land van de geweldige tuinen. Niet voor niets is Engeland één van mijn favoriete vakantielanden en ik vind het dan ook een uitdaging dat Keukenhof juist voor dit land als themaland gekozen heeft. In Engeland krijgen de kinderen het tuinieren met de paplepel namelijk ingegoten en iedereen kent er wel de Royal Horticultural Society (RHS), die met de maatschappij verweven lijkt. Interessant is daarom ook de tentoonstelling in het Julianapaviljoen: ‘My Great Garden’ over Engelse tuinen, die in samenwerking met de RHS tot stand is gekomen. Hier kunt u trouwens ook handige tips voor uw eigen tuin vinden. Ook het bloembollenmozaïek staat in het teken van dit tuinenland en zo langzamerhand zullen de contouren van de Big Ben en de Towerbridge nu wel zichtbaar worden. In de andere paviljoens op het park zijn in de decors eveneens typisch Engelse kenmerken verwerkt. In het Oranje Nassau Paviljoen kunt u mooie kroonluchters vinden als een verwijzing naar het Engelse koningshuis en op tal van plaatsen zal ook de muziek van Engels muzikanten, zoals de Beatles en Elton John te horen zijn.
De zeven inspiratietuinen hebben trouwens ook een Engels sausje en er is volop aandacht voor de ontwikkelingen op het gebied van tuinieren. Het fenomeen ‘moestuinieren’ heeft een hip jasje gekregen en is nu net als in Engeland een ‘hot item’. De Kitchen Garden is hier een goed voorbeeld van. Hier kunt u zien hoe u op eenvoudige wijze kunt genieten van de geneugten van de natuur. De tuinen hebben de gemiddelde oppervlakte van een Hollandse achtertuin en kunnen u zeker inspireren.
Keukenhof is open tot en met tweede pinksterdag! Enjoy it…..

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin: week 16/2013

OLYMPUS DIGITAL CAMERATulp in de hoofdrol

Op mijn verjaardag, begin april, kreeg ik digitaal een prachtige bos tulpen van de cultivar ‘Ice Cream’. Deze tulp lijkt door zijn aparte verschijningsvorm – dubbele witte bloem omkranst door rozerode bloemblaadjes – op een bolletje ijs met slagroom. Hij doet een beetje vreemd aan, maar is wel beeldschoon. Het is trouwens een late tulp die u in de tuin pas in mei in bloei zult zien staan. Grappige bijkomstigheid is, dat juist de tulp in de maand april zo in de hoofdrol staat. Zowel de Hortus Leiden als Amsterdam besteedt aandacht aan dit bolgewas, dat al eeuwenlang met Nederland is verbonden. In de Hortus in Leiden is van 29 maart t/m 10 mei een kleine tentoonstelling met als titel: ‘Tulpen’. Op diverse plaatsen in de tuin, waaronder de Clusiustuin, zijn er historische en moderne tulpen te bewonderen; op informatiepanelen is er aandacht voor het verhaal van de tulp. Het was dan ook Carolus Clusius, de eerste hortulanus van deze universiteitstuin die zijn collectie tulpen uit Wenen mee naar Leiden nam en daarmee de aanzet gaf van de ontwikkeling van de tulpenteelt in ons land. Zijn tulpen bloeiden voor het eerst in 1594.Ook in de Hortus in Amsterdam speelt dit bolgewas in april een hoofdrol. In de tuin zijn rond de veertig wilde en gecultiveerde tulpen te zien. Dit is slechts een kleine bloemlezing van al die soorten en cultivars die door de eeuwen heen in ons land zijn gekweekt. De titel van deze tentoonstelling, nog tot 12 mei a.s., is: ‘Wild en verleidelijk’ en laat de moderne tulp zien in relatie tot zijn wilde voorvaderen.
Verder vinden er gedurende de maand april, ter gelegenheid van het 400-jarige bestaan van de Amsterdamse grachtengordel, de Amsterdamse Tulpen Dagen plaats. De organisatie ligt in handen van Museum van Loon en tuinarchitecte Saskia Albrecht in samenwerking met het Tulpenmuseum en de stad Amsterdam. In openbare ruimten en bij een aantal musea zijn in dit kader volop tulpen te zien. U kunt een speciale Tulpenroute lopen langs de grachten in het centrum en langs verschillende plekken in Amsterdam-Zuid. Als klap op de vuurpijl zijn in het laatste weekend van april, op 27 en 28 april a.s. zelfs een vijftiental grotendeels particuliere grachtentuinen opengesteld en zullen ook daar tulpen de show stelen! Het Tulpenfestival is van 10.00 uur tot 17.00 uur. Het Passe-partout voor de tuinen kost € 12,50 en de start van de wandeling is bij Museum van Loon, Keizersgracht 672 (www.museumvanloon.nl).

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin: week 15 – 2013

LW_Combi_A4_1Leydse Weelde

Ik heb mijn hart opgehaald bij de tentoonstelling ‘Leydse Weelde’ in het Museum Boerhaave, Rijksmuseum voor Geschiedenis van de Natuurwetenschappen en Geneeskunde in Leiden. Dit museum is gehuisvest in het voormalige Caeciliaklooster, gelegen aan de Lange Sint Agnietenstraat in de oude binnenstad. Het museum is genoemd naar Herman Boerhaave (1668 – 1738), in zijn tijd een van de bekendste mannen van Europa. Hij was hoogleraar in de botanie en geneeskunde en later zelfs rector magnificus van de Universiteit van Leiden. Ook was hij directeur van de Hortus botanicus Leiden. In die hoedanigheid had hij contact met Carolus Clusius, toen Europa’s beroemdste plantkundige die in 1593 als hortulanus van de Hortus Leiden was aangetrokken. Kort voor zijn dood maakte Boerhaave zelfs kennis met de jonge Carolus Linnaeus uit Zweden, later wereldbekend door zijn classificatie van planten op basis van hun voortplantingsorganen. Hij herkende in hem de eigenschappen van een groot wetenschapper en bracht hem in contact met George Clifford, een Amsterdamse bankier met contacten bij de VOC. De tentoonstelling ‘Leydse Weelde, de groene ontdekkingen van de Gouden Eeuw’ etaleert de bloei en opkomst van de plantkunde in relatie met de ontwikkelingen op het gebied van cultuur en handel in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. De nadruk ligt hierbij op de stad Leiden. Vele onbekende exotische gewassen vonden door ontdekkingsreizen hun weg naar Europa. Door de grote belangstelling voor de plantkunde ontwikkelden zich tuinen bij universiteiten en buitenplaatsen, ontstond er correspondentie tussen wetenschappers en liefhebbers en zorgde de intrede van de boekdrukkunst ervoor dat kunstenaars hun bloemenillustraties in prachtige boeken vastlegden. De tentoonstelling begint beneden in de gangen van het oude klooster, waar prachtige 16e eeuwse herbaria, plantenboeken met kopergravures en gedecoreerde wandtegeltjes te vinden zijn. In de zalen boven is het helemaal feest. Daar zijn allerlei interessante boeken te vinden, waaronder een piepklein gedrukte plantenlijst met Amerikaanse soorten. Ook het boek van Jan van der Groen, Den Nederlandsen Hovenier (1670) is er te vinden. Aandacht is er verder voor de ontwikkeling van de tulp en de tulpenmanie. Er staat een prachtige Delftsblauwe Tulpenvaas en toepasselijke schilderijen sieren de wand. In de laden van de kabinetten zitten allerlei plantaardige schatten verborgen. Ter gelegenheid van deze tentoonstelling is een prachtig boek uitgegeven met de titel: Bloeiende kennis. De schrijvers brengen in kaart hoe Leiden zo een grote rol kon hebben in deze periode, ook wel Botanische Renaissance. De tentoonstelling is nog tot 5 mei 2013 en is meer dan de moeite waard (www.museumboerhaave.nl).

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Blik op de tuin: week 14 / 2013

Hoe kan het zo groeien?

Hoe kan het zo groeien?

Vreemde vogels

Zoals ik in de vorige column vertelde was in maart van dit jaar Art Vogel, oud-hortulanus van de Hortus botanicus te gast bij Groei & Bloei Westland om te vertellen over plantengroei en orchideeën in hun oorspronkelijke groeiomgeving, in dit geval Papua Nieuw Guinea. Samen met collega-botanicus Ed de Vogel maakte hij een drietal reizen naar dit gebied op zoek naar nieuwe orchideeënsoorten. De familie der orchideeën is de grootste plantenfamilie op onze aardbol. Hoewel er ruim 20.000 orchideeën bekend zijn, bestaat het vermoeden, dat lang niet alle soorten zijn beschreven. Beschrijvingen van bekende soorten zijn te vinden in herbaria. Een herbarium zoals in Leiden is een verzameling van gedroogde planten, gedroogd in een pers. De planten worden op papier vastgehecht, vaak met populaire en botanische naam, de vindplaats, datum en de naam van de vinder en degene die de determinatie gedaan heeft. Een herbariumexemplaar, ook wel type-exemplaar dient als bewijs voor de vondst van een bepaalde soort. Degene die een soort het eerst beschrijft, behoudt alle rechten. Tegenwoordig bewaart een herbarium orchideeën op alcohol, omdat een orchidee moeilijk is om te drogen. Samen met foto’s ontstaat een goed beeld van een gevonden exemplaar. Thuis kan de onderzoeker bekijken of het om een nieuw soort gaat door het exemplaar te vergelijken met andere type-exemplaren. Een recente bijzondere vondst uit Nieuw-Guinea is Bulbophyllum nocturnum. Deze orchidee bloeit niet overdag, maar ’s nachts. Dat dit zo was, ontdekte Ed de Vogel, toen hij de plant mee naar huis nam en hem 24 uur in de gaten hield. Daarvoor dachten de onderzoekers steeds dat de knoppen om een of andere reden vroegtijdig afvielen. Tot Ed’s verrassing bloeide de orchidee vanaf 22.00 uur ’s avonds en wel 12 uur lang. De bloemen bloeiden slechts één nacht. Het is de eerste orchidee, waar van de onderzoekers nu weten dat het een nachtbloeier is. De reizen naar gebieden als Papua Nieuw Guinea zijn zeker geen toeristische uitstapjes. De infrastructuur is sinds de onafhankelijkheid van het land in een deplorabele staat en vaak is er sprake van onherbergzaam gebied waar nog nooit een sterveling geweest is. Het vinden van een bloeiende orchidee is meestal een toevalstreffer en de diverse soorten komen op de meest vreemde plekken voor, soms ook in begroeiing langs rivieren, in bomen of boomvarens. Ook de Papoea’s kwamen tijdens de presentatie aan de orde, maar ook de uitbundige manier waarop zij zich met materialen uit de natuur uitdossen. Het integrale verslag is te vinden op: westland.groei.nl/terugblik 2013/lezingen.

Anneke

T @blikopdetuin

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.