Blik op de tuin – week 38/2010

IMG_9139 
Cornwall – Lanhydrock, last but not least

Mocht u al mijn columns over Cornwall hebben gelezen, dan lijkt het misschien alsof ik maanden van huis ben geweest, maar dat is natuurlijk niet zo. De tuinen liggen redelijk dicht bij elkaar in de buurt. Met een juiste planning kunt u per dag eenvoudig een tweetal tuinen bezoeken. De laatste tuin die in mei op het lijstje stond, was Lanhydrock. Het landgoed behoorde tot omstreeks 1530 bij de grote Priorij van Sint Petroc in Bodmin. Het landhuis stamt uit het begin van de zeventiende eeuw, maar werd in 1881 getroffen door een grote brand. Na de brand is het huis verbouwd en voorzien van alle gemakken uit de Victoriaanse tijd. De toenmalige bewoner van het huis hield er een weelderige levensstijl op na en had alleen al in het huis 25 bedienden in dienst. In de tuinen en stallen werkten 70 mensen. Het huis heeft 49 vertrekken, die allemaal zijn gemeubileerd. Het grootste vertrek is de galerij met de bibliotheek van wel 35 meter lang, die aan de brand in 1881 is ontsnapt. Hier bevindt zich een prachtig gepleisterd plafond met vierentwintig panelen met gebeurtenissen uit het Oude Testament.

De oorspronkelijke tuin stamt uit het begin van de zeventiende eeuw, maar het tegenwoordige ontwerp is tijdens de Victoriaanse periode gerealiseerd. Ook hier zijn prachtige rododendrons en magnolia’s met enorme afmetingen te vinden. Beeldschoon is de Parterre aan de rechterzijde van het huis. Deze tuin met gecompliceerde buxusvormen staat in het voorjaar en in de zomer vol met vrolijk bloeiende planten. Interessant is ook de 'Herbaceous Circle', de kruidencirkel. Deze cirkel is beplant met kruidachtige vaste planten, die gedurende de vroege zomer tot ver in de herfst bloeien. Handig is het, dat aan het begin van deze tuin lijsten te vinden zijn met de namen van de planten. In de stallen van het huis was nog een kleine boekenmarkt. Hier heb ik nog een verrassend boek gekocht: ‘The Country Diary of an Edwardian Lady’. Het is het dagboek van Edith Holden uit 1906, dat eerst pas in 1977 is uitgegeven. In woord en aquarel laat zij de flora en de fauna van het Britse landschap, door de veranderende seizoenen van het jaar, zien. Deze creatieve illustrator overleed op veel te jonge leeftijd toen zij tijdens het plukken van de knoppen van een kastanjeboom in de Theems viel en verdronk! Haar tekeningen waren in de jaren tachtig van de vorige eeuw even beroemd als die van Marjolein Bastin nu.

Anneke

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

Column in speciale herfstbijlage Het Hele Westland – week 37

IMG_8475 
De biodiverse herfsttuin

Zomer?

Per 1 september heeft de meteorologische herfst een einde gemaakt aan de zomer van 2010. Zomers zijn altijd veel te kort en soms lijkt het zelfs of het helemaal geen zomer is geweest. Dat is allemaal niet zo vreemd, want de laatste jaren is juist dit jaargetijde nogal grillig. Terwijl juni een droge maand was, tapte juli al uit en ander vaatje. In augustus was extra water geven aan de planten in de tuin er al helemaal niet bij en ook de kuipplanten hadden geen gebrek aan vocht door de vaak zware regenbuien. Valt er normaal in de maand augustus 62 mm, in augustus 2010 was dit 170 mm. Volgens het K.N.M.I., was in de meetreeks van ruim honderd jaar, alleen de maand augustus in 2006 met 185 mm nog natter. Of het een mooie zomer was, laten we daarom maar in het midden. Wellicht is er nog een ouwewijvenzomer op komst waarin we nog van wat mooie dagen kunnen genieten.

De tuin in de herfst

Om ook te kunnen genieten van een mooie herfsttuin is enige plantenkennis onontbeerlijk. Die is nodig om de borders juist in dit jaargetijde nog een spannende aanblik te geven. Vaak ontbreekt deze kennis. Het bijkomende gevolg hiervan is, dat de mens vaak kiest voor de weg van de minste weerstand. Dit geeft als resultaat veel steen en weinig groen in de tuin, niet alleen in de herfst, maar ook in alle andere seizoenen. In het internationale jaar van de biodiversiteit zouden we juist moeten proberen onze tuin zo in te richten, dat de natuur er in al zijn facetten aanwezig is. Biodiversiteit is misschien een moeilijke term, maar is niets meer dan de aanwezigheid van allerlei soorten leven, waardoor de natuur in balans blijft. Door de verstening van onze tuinen komt de biodiversiteit onder druk en onze groene omgeving in gevaar. Een bijkomend probleem van deze verstening is, dat veel hemelwater in het riool verdwijnt en niet in de bodem terecht komt. Daarom is het misschien goed om te kijken op welke manier we een tuin kunnen realiseren, die in de herfst ook nog mooi is, niet te veel onderhoud vergt en vol leven zit. De oplossing is wellicht een natuurrijke, biodiverse tuin.

Een tuin voor de zintuigen

Een natuurrijke tuin is allerminst een tuin die er rommelig uit moet zien. Ook bij een natuurrijke tuin hoort een ontwerp, waarbij rekening is gehouden met de wensen en eisen van de tuinbezitter. Vormtechnische aspecten en een goede ruimtelijke indeling zijn hierbij vanzelfsprekend. Een verschil is echter dat er ook rekening wordt gehouden met de voedselbehoefte en leefmogelijkheden voor dieren, insecten, amfibieën en planten.

Een natuurrijke tuin is een tuin die alle zintuigen prikkelt. Wie wil er nu niet genieten van het scharrelen van een egel in het struikgewas, het gezang van vogels of het ruisen van grassen. En wat te denken van het eten van zelf geteeld fruit, heerlijke geuren of het plonsen van een kikker in het water. In een natuurrijke tuin valt wat te beleven en er is voor iedereen, oud en jong, wel iets te ontdekken. Nodig zijn alleen wat dichte struiken, waarvan een aantal besdragend (lijsters zijn hier bijvoorbeeld dol op) en een (hoge) boom als aanvliegplek. Verder zijn wat bloeiende planten gewenst die insecten lokken, wat klimplanten voor vogels om in te nestelen, zonnige en schaduwplekken en als er ruimte voor is iets met water. Bloeiende planten lokken insecten, die op hun beurt het voedsel vormen voor insectenetende vogels en zaad vormende planten dienen als voedsel voor zaadetende vogels. Door te zorgen voor zoveel mogelijk variatie, komt iedereen in de tuin aan zijn trekken en ontstaat een natuurlijk evenwicht, waar plagen en ziekten geen kans krijgen.

Inheems en uitheems, maar vooral biodivers

Het maken van een gevarieerde keuze resulteert bijna vanzelf in een beplantingsplan met bloei in elk seizoen. Verstandig is om ook te kijken naar het onderhoud van de planten. Door te kiezen voor planten die gemakkelijk in het onderhoud zijn, weinig water nodig hebben en ongevoelig voor ziekten en plagen, ontstaat een duurzame en onderhoudsvriendelijke plantentuin.

In een natuurrijke tuin komen vooral inheemse planten voor d.w.z. planten die hier van nature voorkomen, zoals eik, hulst en kardinaalsmuts. Deze planten hebben minder last van ziekten en plagen. Een aantal voorbeelden van inheemse vaste planten zijn: Crambe maritima (zeekool), Lythrum salicaria (grote kattenstaart), Salvia pratense (veldsalie), Hypericum perforatum (Sint Janskruid) en Dipsacus fullonum (kaardebol).
Daarnaast kunt u ook kiezen voor uitheemse planten, waaronder grassen en bloeiende vaste planten zoals Helianthus (aardpeer), Eupatorium (leverkruid), Persicaria (duizendknoop), Aster en Helenium (zonnekruid). Dit zijn planten die juist in de herfst voor het nodige spektakel kunnen zorgen. Een mix van beiden is ook mogelijk en eigenlijk voor de biodiversiteit nog beter, want met alleen uitheemse planten zullen inheemse vlinders en insecten moeilijk in uw tuin kunnen aarden.

Belangrijk is in ieder geval dat alle planten daar te plaatsen waar ze van origine het beste groeien. Zo houdt een moerasplant niet van droge grond en een varen zal beter in de halfschaduw gedijen.

Opruimen uitstellen tot het voorjaar

Ongeacht uw type tuin is het in het kader van het behoud van de biodiversiteit belangrijk om in de herfst afgevallen bladeren te laten liggen. Dit blad beschermt planten tegen vorst. Laat u ook afgestorven planten met rust, want voor insecten zijn dit goede overwinteringplaatsen. Afgevallen fruit dient verder als maal voor vogels en vlinders. Een hoekje met snoeihout of tuinafval biedt mogelijkheden voor padden, muizen en egels om te overwinteren. Met het oog op de naderende winter is het misschien ook leuk om voor huisvesting voor een aantal vogelsoorten te zorgen.

Wilt u meer weten over het realiseren van een natuurrijke tuin, steekt u dan uw licht eens op tijdens de Groei & Bloei markt van 23 september a.s. in de Ontmoetingskerk aan de Anjerlaan in Naaldwijk. Het thema van deze informatieve markt is: ‘Biodiversiteit’. Tijdstip: 19.00 – 22.00 uur. Tot dan en een fijne herfst toegewenst!

 Anneke (p.s. verslag van de markt is te vinden op westland.groei.nl)

Blik op de tuin – week 36/2010

IMG_8897clemensannekeanneke
Cornwall – Glendurgan, een paradijselijke tuin

 

Mocht een filmregisseur ooit het plan opvatten om een film te maken over Adam en Eva dan kan ik hem wel een mooie plek aanbevelen. Glendurgan (Falmouth), een typische valleituin in Cornwall, heeft alle facetten die nodig zijn om als achtergrond voor een dergelijke film te dienen. Beschut tegen de koude en harde Atlantische winden, in de nabijheid van de zee, is deze tuin vrijwel vorstvrij. De tuin bestaat uit drie waterrijke valleien met een bijna subtropisch klimaat. De planten die er groeien zijn zeer bijzonder en komen in de rest van Engeland nauwelijks voor. Hoewel deze tuin bekend is als een voorjaarstuin is hij ook in de zomer en herfst interessant. Glendurgan is de laatste 180 jaar constant in ontwikkeling en is tot 1962 in bezit geweest van de familie Fox. Nu valt de tuin onder de National Trust. De familie Fox waren Quakers, het religieuze genootschap der Vrienden, dat 350 jaar geleden in Engeland is ontstaan. Zij probeerden als enthousiaste tuiniers de hemel op aarde te creëren en dat is uitstekend gelukt.

De tuin heeft steile hellingen en wandelpaden en loopt af naar de kust en het dorpje Durgan. Dit gehucht ligt direct aan zee en bestaat uit 20 cottages. Het is mogelijk om een soort rondgang door de tuin te maken en tijdens de wandeling kun je overal een glimp opvangen van de mooie rivier de Helford. Direct bij de ingang van de tuin wordt de bezoeker in het voorjaar verrast door hellingen beplant met lavendelblauwe Rhododendron augustinii. Ook bloeien er verschillende soorten wit bloeiende kersenbomen met daaronder duizenden blauwe boshyacinten. In de laagste van de drie beschutte valleien, die vochtig en diep is, groeien bamboe, boomvarens en vele planten uit Australië en Nieuw-Zeeland. Er is ook een enorme doolhof dat is beplant met Prunus laurocerasus. De hagen zijn ongeveer 120 cm hoog en ze worden drie tot vier keer per jaar geknipt. Drie tuinmannen zijn hier een volle dag mee bezig en hebben ook nog een dag nodig om het snoeiafval op te ruimen. U kunt in deze tuin wel een dag zoet zijn. Ook voor kinderen is het een paradijs. Naast de enorme doolhof is er ook de zogenaamde Giant’s Stride, waar kinderen aan dikke touwen boven een poel heen en weer kunnen zwaaien om zo met een reuzenstap (stride) naar de overkant te komen. http://www.nationaltrust.org.uk

 

Anneke

 

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

 

 

.

 

Blik op de tuin – week 35/2010

IMG_8983clemensanneke
Cornwall – de ‘Tre’ van Trelissick en Trerice

 

Het voorzetsel ‘Tre’ in plaatsnamen en namen van tuinen en dorpen in Cornwall (Groot-Brittannië) betekent boerderij of nederzetting. Een van de tuinen, met dit voorzetsel, die ik in mijn vorige column heb beschreven is Trengwainton Garden. Trelissick is een andere en ligt evenals Trengwainton op een schiereiland. Zoals veel maritieme tuinen in Cornwall heeft Trelissick een mild klimaat en het neerslaggehalte is er hoog. Trelissick is een echte plantentuin vol met exotische planten. Omdat deze tuin vrij hoog ligt, is deze, ondanks de beboste terreinen, echter vaak een speelbal van wind, vorst en droogte.

Het zijn in het bijzonder de heer en mevrouw Ronald Copeland geweest, die in de jaren dertig van de twintigste eeuw hun stempel op de tuin hebben gedrukt. Zij realiseerden een netwerk van open grasvelden met speciale bomen, brede bloembedden en formele paden, torenhoog struikgewas en beschaduwde, beboste dalen. Kleuren spelen er een belangrijke rol. De tuin is beroemd om zijn magnifieke rode rododendrons, Rhododendron ‘Cornish Red’, geflankeerd door blauwe boshyacinten en blauwe ‘lace-cap’ hortensia’s. Maar ook de schitterende Chinese en Japanse blauwe regen, bij de ingang van de tuin en bij de rustieke brug die de twee delen van de tuin verbindt, zult u niet snel vergeten. Zoekt u nog een mooie rode struik die in het voorjaar bloeit, dan is de bloedrode Ribes speciosum, die ik hier zag, een aanrader! Deze struik is matig winterhard, maar kan als leistruik tegen een zonnige muur goed dienst doen. Op het hoofdgrasveld staat een enorme Japanse Ceder, Cryptomeria japonica, die in 1898 is geplant. De top van deze conifeer is er in 1960 tijdens een storm uitgeblazen en nu bestaat de kroon uit vele heel dikke takken.

Trerice Gardens is een andere tuin van de National Trust, die weliswaar in grootte niet te vergelijken is met Trelissick, maar ook heel bijzonder is. Deze tuin is te vinden bij Kestle Mill, vlakbij Newquay. Op dit kleine landgoed staat een juweel van een huis uit de Elizabethaanse tijd, dat nog bijna geheel in de oorspronkelijke staat is. De tuin is niet groot, maar uit archeologische opgravingen blijkt, dat er nog heel wat te restaureren valt. In de toekomst zal deze tuin daarom nog volop furore maken.

Schitterend waren in ieder geval de alliums met een diepblauwe kleur, waarvan ik u de naam helaas moet onthouden. Volgende keer: geen ‘Tre’ maar ‘Glen’.

 

Anneke

 

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

 

 

.

 

 

 

 

 

Blik op de tuin – week 34/2010

IMG_8758
Cornwall – de ‘Tre’ van Trengwainton

 

Wie wel eens in Cornwall is geweest, zal hebben gezien, dat veel namen van tuinen, huizen en dorpen met de letters ‘Tre’ beginnen. Nieuwsgierig als ik ben, probeerde ik ter plekke te achterhalen, wat de betekenis van dit voorzetsel is. De Cornwallers zelf konden er geen duidelijk antwoord op geven. Inmiddels ben ik er achter. ‘Tre’ betekent ‘farm’ (boerderij) of ‘settlement’ (nederzetting).
Trengwainton Garden is een van de tuinen, met dit voorzetsel, die we in mei van dit jaar hebben bezocht. Trengwainton betekent: nederzetting van de lente en dat is niet voor niets. Het is een verwijzing naar de vroege voorjaarsschoonheid van deze tuin, dichtbij Penzance aan de kust. Trengwainton is een antwoord op het gebed van een tuinier, want rododendrons beginnen er in november te bloeien en magnolia’s in februari. De condities voor zuurminnende planten zijn hier uitstekend, mede gezien de beschutte ligging van de tuin, die lang en smal is en oploopt naar het huis op de top van een heuvel, St. Michael’s Mount. Cornwall is rijk aan mineralen, zoals leisteen en graniet, waardoor de bodem zuur is. Het klimaat is er warm en vochtig door de warme Golfstroom en er valt jaarlijks ongeveer 113 cm regen. In het gebied waar Trengwainton ligt valt er zelfs nog meer. Hierdoor is de bodem altijd vochtig en dus uitermate geschikt voor planten die een voorkeur voor dergelijke condities hebben. Het hele jaar door groeien hier planten, waaronder exotische exemplaren die op andere plaatsen in Engeland niet zouden overleven.

De wortels van de tuinen van Trengwainton liggen al in de 16e eeuw. Een van de grondleggers van de huidige tuin is echter Sir Edward Bolitho. Hij opende de tuin voor het publiek voor het eerst op 24 mei 1931. Hij transformeerde, als afstammeling van een oud geslacht uit Cornwall, de tuin en liet deze o.a. beplanten met zaailingen van Rhododendron, afkomstig van een plantenexpeditie naar Assam en Burma. Deze zaailingen vormen de basis van de beroemde collectie van deze tuin. Tegenwoordig is de tuin in bezit van de National Trust.

Spectaculair zijn de zogenaamde Walled Gardens, de ommuurde tuinen. Hierbinnen ligt ook de keukentuin. Deze tuin bestaat uit vijf delen en heeft de afmetingen van de Ark van Noah. Karakteristiek aan keukentuin is, dat de bedden oplopend naar de muren zijn. Toch is Trengwainton niet alleen mooi in het voorjaar, maar ook in zomer en herfst een bezoek waard! Volgende keer: nog meer ‘Tre’-‘s.

 

Anneke

 

Vragen kunt u stellen via: info@westland.groei.nl; activiteiten van Groei en Bloei afdeling Westland vindt u op: westland.groei.nl.

 

 

.